Webwereld: Jan en alleman heeft toegang tot EPD
04 februari 2010 - Webwereld.nl
Er zijn nogal wat mensen die toegang krijgen tot het medische dossier. Wie geen bezwaar heeft gemaakt, opent zijn of haar dossier voor een lange en brede lijst van mensen in de zorg. Dat blijkt uit een analyse die Webwereld samen met Medisch Contact maakte van de documenten over de privacy van het elektronische patiëntendossier (EPD).
Toegang tot het EPD heeft de verpleegkundige, doktersassistente, fysiotherapeut, artsen uit het gezondheidscentrum, patholoog, en apotheker. Maar daarnaast ook vakgenoten die om advies wordt gevraagd, co-assistenten, medisch studenten, biochemici, fysici, paramedici, en diëtisten. En tot slot ook spelbegeleiders op een kinderafdeling, secretaressen, functionarissen belast met het feitelijk beheer van het patiëntendossier en functionarissen belast met de financiële afwikkeling, en mensen die rechtstreeks betrokken zijn bij de medische behandeling. 'Jan en alleman dus', concludeert Webwereld.
Bovendien zijn er nog de vervangers van al deze mensen en automatiseringsmedewerkers die UZI-passen krijgen. Verder is het mogelijk dat in bijzondere gevallen opsporingsambtenaren of een geheime dienst de gegevens vordert.
Toezicht achteraf onmogelijk
Het liberale toegangsbeleid is bovendien gekoppeld aan een gebrekkig toezichtsysteem. De controle op misbruik wordt achteraf geregeld. Iedere keer dat een dossier wordt bekeken, logt het systeem dit. Ook het ministerie van VWS erkent dit probleem in een toelichting op de Wet die het EPD regelt. 'Hoewel toezicht achteraf goed is vormgegeven, is het "kwaad" dan al geschied. Immers, de gegevens zijn al ingezien. Over het algemeen zullen artsen hier integer mee omgaan en heeft de logging een remmende werking.'
De regels zijn volgens het ministerie wel duidelijk. Er mag alleen dan in het dossier worden gekeken als er sprake is van een behandelrelatie tussen arts en patiënt. Maar in de adviesaanvraag aan het CBP erkent het departement ook meteen dat dit technisch eigenlijk niet te controleren valt. Ook het NICTIZ (Nationaal ICT Instituut in de Zorg) ziet dit probleem na onderzoek.
Lees het hele artikel op Webwereld.nl.
Bovendien zijn er nog de vervangers van al deze mensen en automatiseringsmedewerkers die UZI-passen krijgen. Verder is het mogelijk dat in bijzondere gevallen opsporingsambtenaren of een geheime dienst de gegevens vordert.
Toezicht achteraf onmogelijk
Het liberale toegangsbeleid is bovendien gekoppeld aan een gebrekkig toezichtsysteem. De controle op misbruik wordt achteraf geregeld. Iedere keer dat een dossier wordt bekeken, logt het systeem dit. Ook het ministerie van VWS erkent dit probleem in een toelichting op de Wet die het EPD regelt. 'Hoewel toezicht achteraf goed is vormgegeven, is het "kwaad" dan al geschied. Immers, de gegevens zijn al ingezien. Over het algemeen zullen artsen hier integer mee omgaan en heeft de logging een remmende werking.'
De regels zijn volgens het ministerie wel duidelijk. Er mag alleen dan in het dossier worden gekeken als er sprake is van een behandelrelatie tussen arts en patiënt. Maar in de adviesaanvraag aan het CBP erkent het departement ook meteen dat dit technisch eigenlijk niet te controleren valt. Ook het NICTIZ (Nationaal ICT Instituut in de Zorg) ziet dit probleem na onderzoek.
Lees het hele artikel op Webwereld.nl.
Qruun Schram - 10 februari 2010, 05:23 uur
Dit is een achterhaald verhaal: met de nieuwe wetgeving van oktober 2008 is afgedicht dat er sprake moet zijn van een behandelrelatie voordat men gegevens mag zien en zelfs dan mag men alleen zien wat op basis van profiel inzichtelijk moet zijn. Kortom: het LSP zit op dat punt uitstekend in elkaar.



































